Vraag

en antwoord

Ik heb een vraag over…

Kijk voor de meest gestelde vragen over de Regionale Energie Strategie bij vraag & antwoord. Staat uw vraag er niet bij, dan heeft u de volgende mogelijkheden:

Wilt u meer weten over de Regionale Energie Strategie in Nederland, bekijk hier de landelijke website.

Meer vragen, antwoorden en informatie vindt u op de website van het Klimaatakkoord.

Bekijk de Klimaatmonitor voor cijfers over lokale CO2-uitstoot, energieverbuik en hernieuwbare energie.

Heeft u een vraag of wilt u meer informatie over de energie- en warmtetransitie in uw gemeente, neem dan contact op met de gemeente waar u woont.

Heeft u een vraag over de Regionale Energie Strategie Noord-Holland Noord? Stuur ons een mail

De 3 meest gestelde vragen

Wat is een Regionale Energie Strategie (RES)?

De RES is een document waarin tot het jaar 2030 de opgaven van ‘duurzame elektriciteit opwek’ en ‘aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving’ uit het Klimaatakkoord voor een energieregio zijn uitgewerkt. Het maken van een RES is een van de maatregelen die volgen uit het Klimaatakkoord. Tijdens de onderhandelingen om te komen tot het Klimaatakkoord, hebben de regio’s ervoor gepleit om de opwek van energie op land en het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving niet van bovenaf te bepalen, maar te kiezen voor een bottom-up benadering in de regio’s. Samen is bepaald dat de regio’s met elkaar zorgen voor een opwek van 35 TWh op land in 2030 en een verdeling van de duurzame warmtebronnen. De regionale overheden leggen vast hoe, met wie en waar dit ingevuld wordt. Daarnaast geeft de RES inzicht in aanbod van duurzame warmtebronnen en de warmtevraag van de gebouwde omgeving en de daarvoor benodigde opslag en energie-infrastructuur. De keuzes in de RES zijn tot stand gekomen vanuit regionale samenwerking en met maatschappelijke betrokkenheid.

De RES is ook een middel om de samenwerking tussen alle regionale partijen (overheden en maatschappelijke organisaties) te organiseren, in voorbereiding op de uitvoering van de energieprojecten die voortkomen uit de RES. Bij de ontwikkeling van de RES worden alle partijen, bedrijven, maatschappelijke organisaties en inwoners betrokken met als doel om draagvlak te vinden voor keuzes o.a. met betrekking tot locaties voor windmolens en zonneparken.

De RES wordt om de 2 jaar aangepast, zodat we flexibel blijven om ontwikkelingen, nieuwe inzichten en technologische innovaties een plek te geven.

Wat is een RES-regio of energieregio?

Voor het maken van een RES is Nederland opgedeeld in 30 energieregio’s of RES-regio’s. Elk van deze regio krijgt de opdracht om een RES op te stellen. Om zo met elkaar uitvoering te geven aan een aantal maatregelen uit het Klimaatakkoord. Op basis van bestaande samenwerkingsverbanden zijn de regio’s gevormd.

Wat gebeurt er als we geen Regionale Energie Strategie maken in de regio?

We vinden als Nederland dat we ons aan de internationale klimaatafspraken moeten houden; Nederland heeft het akkoord van Parijs getekend in 2015 en in haar regeerakkoord opgenomen dat de energietransitie een van de belangrijke opgaves voor de komende jaren is.
De regio heeft hierin haar deel. Binnen 1,5 jaar na ondertekening van het Klimaatakkoord moeten de regio’s hun bijdrage aan de landelijke opgave bekend maken. Doelstelling is dat alle 30 energie-regio’s met elkaar de landelijke opgave van 35 TWh invullen. Indien dit niet het geval is, moet de nog resterende opgave door de 30 regio’s onderling verdeeld worden. Als de regio’s niet zelf tot een verdeling komen zal daarvoor een landelijke verdeelsystematiek worden toegepast. 

Snel naar:

RES Samendoen Opgave Proces Meedoen Techniek Omgeving Transitie

Regionale Energie Strategie (RES)

Wat is een Regionale Energie Strategie (RES)?

De RES is een document waarin tot het jaar 2030 de opgaven van ‘duurzame elektriciteit opwek’ en ‘aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving’ uit het Klimaatakkoord voor een energieregio zijn uitgewerkt. Het maken van een RES is een van de maatregelen die volgen uit het Klimaatakkoord. Tijdens de onderhandelingen om te komen tot het Klimaatakkoord, hebben de regio’s ervoor gepleit om de opwek van energie op land en het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving niet van bovenaf te bepalen, maar te kiezen voor een bottom-up benadering in de regio’s. Samen is bepaald dat de regio’s met elkaar zorgen voor een opwek van 35 TWh op land in 2030 en een verdeling van de duurzame warmtebronnen. De regionale overheden leggen vast hoe, met wie en waar dit ingevuld wordt. Daarnaast geeft de RES inzicht in aanbod van duurzame warmtebronnen en de warmtevraag van de gebouwde omgeving en de daarvoor benodigde opslag en energie-infrastructuur. De keuzes in de RES zijn tot stand gekomen vanuit regionale samenwerking en met maatschappelijke betrokkenheid.

De RES is ook een middel om de samenwerking tussen alle regionale partijen (overheden en maatschappelijke organisaties) te organiseren, in voorbereiding op de uitvoering van de energieprojecten die voortkomen uit de RES. Bij de ontwikkeling van de RES worden alle partijen, bedrijven, maatschappelijke organisaties en inwoners betrokken met als doel om draagvlak te vinden voor keuzes o.a. met betrekking tot locaties voor windmolens en zonneparken.

De RES wordt om de 2 jaar aangepast, zodat we flexibel blijven om ontwikkelingen, nieuwe inzichten en technologische innovaties een plek te geven.

Waarom maken we een Regionale Energie Strategie (RES)?

Het maken van een RES is noodzakelijk omdat we in 2030 voldoende duurzame energiebronnen (warmte en elektriciteit) op land nodig hebben. Daardoor gebruiken we minder fossiele brandstof en stoten we minder CO2uit. Om 49% CO2reductie in 2030 te behalen is grootschalige opwek van duurzame elektriciteit nodig. Er is uitgerekend dat er in 2030 35 TWh aan grootschalige opwek (zon en wind) op land nodig is. Ook zullen woningen en bedrijven geleidelijk aan afstappen van verwarming door aardgas. Zonder een regionale aanpak is deze energie- en warmtetransitie van fossiele brandstoffen naar duurzame energie (zon, wind en duurzame warmte) onmogelijk. Energieprojecten (denk aan een warmtenet) stoppen niet bij een gemeentegrens.

Met een Regionale Energie Strategie werken we aan een door alle betrokken partijen gedragen basis om mogelijkheden in de regio te benutten en te onderzoeken wat voor onze energieregio slimme kansen zijn voor verduurzaming. Denk aan het benutten van koppelkansen, dubbel ruimtegebruik (bijvoorbeeld zon op afvalberg), economische kansen (bijvoorbeeld meer werkgelegenheid door de projecten) en het inzetten van vrijkomende restwarmte (bijvoorbeeld warmte van datacenters naar kassen).

Wat is zijn de concrete doelen van de Regionale Energie Strategie?

De RES heeft vier doelen, namelijk:

1 Locaties vinden voor het opwekken van zon- en windenergie. 

2 Maatschappelijke betrokkenheid organiseren voor een zorgvuldige ruimtelijke inpassing van hernieuwbare energie- en warmte(rest)bronnen, inclusief de bijbehorende infrastructuur. 

3 De samenwerking in de regio versterken en de uitvoering van de energietransitie versnellen, door langjarige samenwerking tussen belanghebbende partijen te organiseren de samenwerking binnen en tussen overheden te verbeteren. 

4 Kansrijke initiatieven en innovaties laten slagen en opschalen.

Wat staat er beschreven in de Regionale Energie Strategie?

De RES beschrijft in ieder geval hoe de regio het aandeel van (grootschalige) duurzame energieopwekking in de regio gaat vergroten tot 2030. Concreet gaat het dan om:

> De opwekking van duurzame elektriciteit, als regionale bijdrage aan de landelijke opgave van 35TWh. Het opwekken van duurzame elektriciteit gebeurt met bewezen technologie, namelijk energie-opwek uit zonne-energie en windenergie. Dit is inclusief het beschrijven van de zoekgebieden voor grootschalige zonnedaken, zonneparken en windmolens (turbines) en de gevolgen voor de opslag- en energie-infrastructuur.

> De warmtetransitie in de gebouwde omgeving). In de regio worden aanwezige duurzame warmtebronnen, de warmtevraag en warmtenetwerk (energie-infrastructuur) geïnventariseerd. Ook wordt beschreven hoe vraag en (potentieel) warmteaanbod aan elkaar gekoppeld kunnen worden.

> Het beschrijven van de (ruimtelijke) uitgangspunten, de organisatie rondom de RES (procesbeschrijving en partijen) en hoe de participatie is georganiseerd om tot regionaal gedragen keuzes te komen.

Wie stelt de Regionale Energie Strategie op?

De 18 gemeenten in de regio Noord-Holland Noord, de provincie Noord-Holland en het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier hebben (na ondertekening van het Klimaatakkoord) de opdracht om de Regionale Energie Strategie op te stellen. Dit doen zij samen met de netwerkbeheerder Alliander, experts en maatschappelijke organisaties als energiecoöperaties, (lokale duurzame) energiebedrijven (bijvoorbeeld HVC), agrarische partijen, landschapspartijen- en beheerders, belangenverenigingen, het onderwijs, woningcorporaties, het bedrijfsleven en de inwoners. 

De ontwikkeling van de RES wordt gefaciliteerd door een programmaorganisatie, die in opdracht werkt van de 20 overheden. Gemeenten, provincie en het waterschap leggen de RES vast in hun omgevingsbeleid. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor overleg en participatie van bewoners en belanghebbenden in hun werkgebied.

Deelregio’s
Noord-Holland Noord bestaat uit 3 deelregio’s waar de 18 gemeenten onder vallen: Kop van Noord-Holland, Westfriesland en Alkmaar. In de deelregio vindt ambtelijke en bestuurlijke samenwerking al plaats. Deze deelregio’s kennen ook in hoofdlijnen gemeenschappelijke energieopgaven, landschappelijke kenmerken en stakeholders. 

Programmaorganisatie
De ontwikkeling van de RES wordt gefaciliteerd door een programmaorganisatie, die in opdracht werkt van de 20 overheden. De bestuurlijke bevoegdheden blijven bij de gemeente, provincie en het waterschap. De programmaorganisatie zorgt voor aansturing van het proces om te komen tot de RES. Er wordt verantwoording afgelegd aan de Stuurgroep RES NHN, deze zorgt voor de procesbewaking. In de Stuurgroep RES NHN zitten bestuurlijke vertegenwoordigers vanuit de 3 deelregio’s, de provincie en het waterschap. Ook Alliander neemt deel in de Stuurgroep, vanwege de grote betrokkenheid bij de uitvoering van de energietransitie. Op momenten wordt de Stuurgroep uitgebreid met bestuurders van belangrijke betrokken partijen. 

Samenwerken in de regio

Wat is een RES-regio of energieregio?

Voor het maken van een RES is Nederland opgedeeld in 30 energieregio’s of RES-regio’s. Elk van deze regio krijgt de opdracht om een RES op te stellen. Om zo met elkaar uitvoering te geven aan een aantal maatregelen uit het Klimaatakkoord. Op basis van bestaande samenwerkingsverbanden zijn de regio’s gevormd.

Waarom doen we dit samen in de regio?

Energieprojecten houden niet op bij een gemeentegrens. Een warmtenet gaat over een gemeentegrens heen, een windmolen kan vlakbij een gemeentegrens staan. Daarnaast kan niet elke gemeente volledig in haar eigen duurzame energievoorziening voorzien en is het niet slim om ieder voor zich het wiel uit te vinden. Dat moeten we regionaal aanpakken. Zo ontstaat een groter gebied met meer ruimte voor koppelkansen, slimme toepassingen en oplossingen. 

De Regionale Energie Strategie is een opgave van het Rijk; als we dit als regio niet samen regelen, als we niet zelf het stuur in handen nemen, dan regelt het Rijk het vóór ons en kan een taakstelling worden opgelegd om grootschalige energie op te wekken.  

Is het voldoende als je als regio zelf kan voorzien in je eigen energiebehoefte?

De regio’s verschillen sterk. Dichtbevolkte regio’s die veel energie vragen en de industrie zullen naar verwachting niet in staat zijn om in hun eigen behoefte te voorzien. Andere regio’s die hiertoe wel in staat zijn zullen dit mogelijk moeten opvangen. Het is onze opgave om in Nederland met elkaar de doelstelling te halen.

Opgave van de RES

Maakt elke RES-regio dezelfde energieanalyse zodat het kan worden opgeteld? 

Voor de vergelijkbaarheid en optelbaarheid van alle RES-en wordt in heel Nederland gewerkt met dezelfde uitgangspunten en rekenregels. Hiervoor is een landelijk model gemaakt, op basis waarvan iedere regio haar RES kan opstellen. Zodat het optelbaar is, en dat de voorgang van de uitvoering ook gemonitord kan worden; hoe staan we er als regio en als land voor.

Waarop is de elektriciteitsopgave van de RES gebaseerd?

Om 49% CO2 reductie in 2030 te behalen is grootschalige opwek van energie nodig. De opgave is om 35 TWh aan duurzame elektriciteit op land op te wekken. Hiervoor maken we gebruik van bewezen technieken; we moeten NU inzetten om in 2030 voldoende opwek van duurzame elektriciteit te realiseren. Bij de berekening van de benodigde duurzame elektriciteitsproductie op land, is de productie van wind op zee al meegerekend. Net als het zuiniger omgaan met ons energieverbruik en een toename van zonnepanelen op woningen. Wat er dan over blijft aan benodigde duurzame elektriciteit is 35 TWh (grootschalige zonnedaken, zonneparken, windturbines).

Wat telt er mee in de opwek van elektriciteit?

Er is al een flinke opgave voor windenergie in uitvoering in de energieregio Noord-Holland Noord, waaronder windmolenpark Wieringenmeer in Hollands Kroon met totaal 99 molens. Daarmee is een belangrijke stap gezet richting 2030, want alle gerealiseerde en geplande grootschalige opwek (zon en wind) telt mee in de RES. Daarnaast zijn er tientallen energiecoöperaties in de regio die een deel van de opwek hebben gerealiseerd en zorg dragen voor participatie – in eigendom en zeggenschap – van de omgeving.

Er wordt in de energieregio Noord-Holland Noord al ongeveer 1,6 TWh opgewekt (zon en wind).

Naast de opwek van wind- en zonne-energie, worden in de energieregio Noord-Holland Noord ook hernieuwbare elektriciteit opgewekt uit biogas (covergisting, stortgas, GFT, VGI en RWZI) en de verbranding van afval en biomassa meegerekend. Bij elkaar is dit 0,456 TWh (bron: Klimaatmonitor, cijfers 2017. Deze opwek wordt niet meegenomen in de opgave voor 35 TWh grootschalige opwek (zon/wind) op land, maar wordt wel benoemd in de RES en telt mee om uiteindelijk als regio energieneutraal te worden.

Bij de berekening van de 35 TWh is al uitgegaan van een toename van kleinschalige zonne-installaties op daken van woningen (7 TWh). Dit telt dus niet mee in de 35 TWh, anders wordt dit dubbel meegerekend. De RES gaat dus over grootschalige opwek van duurzame elektriciteit, door grootschalige zonnedaken (vanaf ca 60 panelen per installatie), zonneparken en windturbines.

Wat is de warmteopgave?

Voor de warmteopgave maken we een Regionale Structuur Warmte (RSW). Dit is een geografisch en gevalideerd overzicht van alle bestaande en toekomstige duurzame warmtebronnen (restwarmte, biomassa, geothermie en aquathermie), de potentiële warmtevraag en een overzicht van de benodigde warmte-infrastructuur. Deze RSW maken we met de (lokale, regionale) overheid, netbeheerder(s) en relevante (huidige en toekomstige) stakeholders. We beschrijven hoe de beschikbare warmtebronnen en de potentiële warmtevraag in de regio op een logische, efficiënte en betaalbare wijze kan worden gekoppeld en welke consequenties dit heeft voor warmte-infrastructuur. De verdere uitwerking hiervan vindt plaats in de transitievisie warmte van iedere gemeente (2021 verplicht).

Wat gebeurt er als we geen RES maken in de regio?

Nederland wil zich aan de internationale klimaatafspraken houden. We hebben het akkoord van Parijs getekend in 2015 en in het regeerakkoord opgenomen dat de energietransitie één van de belangrijke opgaves voor de komende jaren is. Op 28 mei 2019 heeft de Eerste Kamer ingestemd met de Klimaatwet, waarin staat dat we met elkaar streven 49 procent minder CO2 uit te stoten in 2030 ten opzichte van 1990, in 2050 moet dit zelfs 95 procent minder zijn.

De regio heeft hierin haar deel. Binnen een half jaar na ondertekening van het Klimaatakkoord moeten de regio’s hun bijdrage aan de landelijke opgave bekend maken in een eerste versie van de RES: de concept RES. Doelstelling is dat alle 30 energie-regio’s met elkaar de landelijke opgave van 35 TWh invullen. Indien dit niet het geval is, moet de nog resterende opgave door de 30 regio’s onderling verdeeld worden. Als de regio’s niet zelf tot een verdeling komen zal daarvoor een landelijke verdeelsystematiek worden toegepast.

Met andere woorden, de energieregio’s kunnen nu zelf keuzes maken vanuit samenwerking en mogelijkheden. Zonder RES zal het Rijk keuze maken.

Wat is de relatie met ons duurzaamheidsbeleid?

In veel gemeentelijk duurzaamheidsbeleid staat beschreven wat de eigen ambitie is en welke stappen er de komende twee tot vier jaar door de gemeente gezet gaan worden om dat te bereiken. In veel gevallen is deze ambitie groter dan van het Rijk (2050 energieneutraal). De RES gaat helpen om deze ambities te realiseren.

We doen al zoveel aan verduurzaming, waarom nog meer?

Gelukkig doen we al veel aan verduurzamen, maar er moet nog meer gebeuren om in 2030 ons land te voorzien van duurzame energie. De opwek van 35TWh op land die hiervoor nodig is, is gebaseerd op de uitgangspunten dat zonnepanelen op daken van woningen gerealiseerd worden (zijn) en onze energievraag verder afneemt (isoleren, zuinige apparaten). Dit laatste betekent dus de noodzaak tot verduurzamen en het terugdringen van ons energieverbruik (energiebezuiniging).

Duurzaamheid biedt daarnaast veel kansen met betrekking tot economische groei, werkgelegenheid, mobiliteit, toerisme en recreatie, onderwijs en onderzoek, etc.  En ten slotte is verduurzaming van belang voor een schone, toekomstbestendige leefomgeving.

Hoe gaan we de energietransitie van fossiel naar duurzaam betalen?

De betaalbaarheid is voor alle gemeenten en regionale overheid een belangrijk aandachtspunt. Hoe, hoeveel, wanneer en waarvoor wie betaalt is nog onduidelijk. De landelijke overheid moet hierover beslissen, dat doen wij als regio niet. De betrokken overheid (regionaal en lokaal) voeren hierover wel overleg met het Rijk via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), Het Interprovinciaal Overleg (IPO)en de Unie van Waterschappen (UVW). Naast dat de energietransitie geld kost is de verwachting dat de energietransitie ook banen gaat opleveren.

Het proces van de RES

Hoe ziet het proces van de RES eruit?  

Pas ná de ondertekening van het Klimaatakkoord wordt er gestart met de RES. Dan gaan de 18 gemeenten, provincie, waterschap, netwerkbeheerders en diverse partijen en organisaties aan de slag om met elkaar de RES op te stellen. Dit doen ze op basis van een startnotitie. Daarin staan afspraken over ‘wat wordt er in de RES uitgewerkt’ moet worden, hoe het proces er uit gaat zien en wie erbij betrokken zijn.

Het proces van de RES is kort. We gaan er nu vanuit dat we 8 maanden na het ondertekenen van het Klimaatakkoord (naar verwachting oktober 2019) de RES in concept moeten aanbieden aan het Rijk. Het Rijk kijkt daarna of de voorgestelde strategieën voldoende bijdragen aan het realiseren van grootschalige duurzame elektriciteitsopwekking op land (35 TWh). Is dit het geval, dan kunnen de regio’s aan de slag met het verder concretiseren van de RES tot het aangeven van concrete locaties (RES 1.0). Is dit niet het geval, dan moet elke RES regio opnieuw naar de tekentafel om het nog ontbrekende aandeel aan te vullen.

Het maken van een RES is ook niet eenmalig: elke regio bekijkt elke twee jaar opnieuw de RES. Verloopt de uitvoering volgens planning, moet er worden bijgestuurd of moet er nieuwe projecten worden opgenomen? Vervolgens wordt een nieuwe RES gemaakt (RES 2.0 en verder). Dit biedt de mogelijkheid om nieuwe technologische ontwikkelingen een plek te geven in de opvolgende RES-en.

Om ervoor te zorgen dat we de korte tijd straks optimaal kunnen benutten zijn we in de energieregio Noord-Holland Noord alvast gestart met het ‘huiswerk’: het inventariseren van de energievraag in de regio (huidig en in 2030) en het theoretische potentieel van energie-aanbod van de regio. Dit is een eerste stap die moet worden gedaan om een regionale energiestrategie op te kunnen stellen.

Wie neemt het besluit over de RES?

De RES leidt tot locaties van energieprojecten, die uiteindelijk uitgevoerd gaan worden. Maar ook tot keuzes voor de verdeling van duurzame warmte in de regio. Dit raakt de bevoegdheden van de deelnemende 18 gemeenten, de Provincie en het Waterschap Hoogheemraadschap Noorder Kwartier. Daarom zullen zij beslissen over de RES. Zodat de gemaakte keuzes in de RES vervolgens kunnen worden vastgelegd in ruimtelijk beleid. Daarnaast zijn er vele partijen nodig voor de uitvoering van de RES. Ook zij moeten zich kunnen vinden in de keuzes in de RES.

De beslissingsbevoegdheid voor individuele projecten voor zonnevelden en windmolens blijft lokaal geregeld via bestemmingsplannen en de omgevingsvergunning.

Meedoen aan het maken van de RES

Hoe wordt de samenleving betrokken bij het maken van de RES?

Iedereen kan meepraten. We beginnen met het opstellen van regionale scenario’s, knelpunten en oplossingsrichtingen door experts en organisaties die al werken aan de energietransitie in de regio. We bespreken wie wat kan doen in de uitvoering van de plannen.

De scenario’s worden lokaal op niveau van gemeente en waterschap besproken en verrijkt. Dit gebeurt met inwoners, bedrijven en andere belanghebbenden. De gemeenten en waterschappen zijn hiervoor aan zet.

Na de lokale aanvulling van de scenario’s wordt alle input samengebracht tot de concept-RES. Vanaf de ondertekening van het Klimaatakkoord hebben we daar tot 1 juni 2020 de tijd voor. Dit eerste concept wordt aangeboden aan het Rijk voor beoordeling. Deze beoordeling zal worden uitgevoerd door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Na de beoordeling door het Rijk werken we toe naar de definitieve versie, de RES 1.0. Ook hierbij zullen experts van betrokken partijen en de inwoners en belanghebbenden worden betrokken. Hiervoor hebben we naar verwachting tot 1 maart 2021 de tijd.

Daarna volgt de vaststelling van de strategie door iedere gemeente, het waterschap en de provincie. De uitkomsten van de RES 1.0 worden vervolgens vastgelegd in het omgevingsbeleid. De RES wordt om de twee jaar geactualiseerd. Hiermee creëren we ruimte voor nieuwe initiatieven en ontwikkelingen.

Bewoners of belanghebbenden kunnen dus op meerdere momenten meepraten. Bij het verrijken van de scenario’s en bespreken van de concept-RES 1.0. Ook bij de besluitvorming in uw gemeente over de RES 1.0 en bij de vastlegging van de RES 1.0 in omgevingsbeleid zijn er momenten van inspraak. Voor bewoners die willen meedoen en meedenken is de gemeente hun eerste aanspreekpunt.

Hoe word ik als bestuurder of raadslid betrokken bij de RES?

Bestuurders en raadsleden van gemeenten worden geïnformeerd over het proces, de startnotitie en over de inhoudelijk resultaten zoals die in de inventarisatie, de scenario’s en concept-RES worden weergegeven. Dit gebeurt in de vorm van informatiebijeenkomsten, raadsbrieven, technische briefings en online nieuwsbrieven. Ook kunnen bestuurders en raadsleden aanwezig tijdens de ruimtelijke ateliers per gemeente.

Hoe kan ik als inwoner meedoen aan de RES?

Als inwoner kunt u ook meedoen aan het maken van de RES. Neem hiervoor contact op met uw gemeente om te horen wanneer u kunt meepraten over de RES. En misschien heeft u zelf een goed plan dat bijdraagt aan de energietransitie.

Wat ook een mogelijkheid is, is dat u financieel deelneemt in een energieproject. Zo kunnen we ook zorgen dat niet alleen de lasten, maar ook de lusten van zonne- of windenergie (gedeeltelijk) lokaal terecht komen. Wilt u daar meer over weten, neem dat contact op met de energiecoöperatie bij u in de buurt.

Wilt u meer weten over hoe u uw woning kunt verduurzamen, en of daar subsidies voor zijn? Kijk dan op de site van het duurzaam bouwloket.

De techniek

Wat is TWh?

Een TWh of Terawattuur is een eenheid voor energie. 1 TWh = 1.000.000.000.000 wattuur.  Ter vergelijking: 1 TWh is twee keer de elektriciteitsvraag  van de gemeente Alkmaar. Nederland produceert nu rond de 17 TWh aan groene elektriciteit. In iets meer dan 10 jaar tijd moet dit aantal dus ongeveer verdubbeld worden.

Hier vindt u meer informatie over eenheden voor energie.

Kan het elektriciteitsnetwerk vraag en aanbod van energie straks aan?

De groeiende economie en de komst van de datacenters zorgt voor een snelle toename van de vraag naar vermogen. Ook het groeiend aanbod (terugleveren) van duurzame elektriciteit vraagt om extra capaciteit van het elektriciteitsnetwerk. Dit netwerk werd zo’n 100 jaar geleden aangelegd, gebaseerd op centrale energiecentrales. Nu wordt decentraal steeds meer energie opgewekt. Daarom werkt de netwerkbeheerder aan aanpassing en uitbreiding van het energienet, daar waar de druk op het net toeneemt. Bijvoorbeeld door extra elektriciteit verdeelstations te bouwen. Een proces dat vaak jaren duurt. Niet alleen door de bouw zelf, maar ook omdat bezwaar- en beroepsprocedures voor vertraging zorgen. Een flinke uitdaging dus om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen, zowel in locatie (vraag en aanbod zo dicht mogelijk bij elkaar) als in tijd (wanneer is het elektriciteitsnet aangepast voor extra opwek).

Meer informatie over het netwerk vindt u hier.

Moeten er windmolens komen?

Ja, omdat de behoefte naar duurzame/groene elektriciteit sterk toeneemt. Bijvoorbeeld omdat we fossiel gestookte elektriciteitscentrales uitschakelen, maar ook omdat we met steeds meer elektrische auto’s rijden en omdat we (een deel van) de woningen elektrisch moeten gaan verwarmen. Ondanks dat we ook energie gaan besparen zal de behoefte aan elektriciteit toenemen. Om deze elektriciteit duurzaam op te wekken is een mix van verschillende bronnen nodig zoals zon en wind. Zodat we ook op momenten dat de zon niet schijnt, kunnen voldoen aan de vraag. En dat de pieken in het elektriciteitsnet verdeeld worden over de dag. Windenergie is één van die bronnen.  Zonnepanelen op daken kunnen voor zo’n 20% voorzien in de verwachte vraag naar elektriciteit in 2050. Wanneer fors wordt ingezet op zonnevelden (10% van het agrarisch grondgebied) dan is dat goed voor zo’n 50% van de verwachte vraag. Zonneweides nemen veel ruimte in, windmolens minder. Kortom een deel van de elektriciteitsopwekking zal voor nu van windenergie moeten komen.

Windmolens op zee of op land?

Wind op zee speelt zeker een belangrijke rol. Zo’n 60% van de landelijke opgave voor groene stroom wordt tot 2030 al op deze manier gerealiseerd. De overige 40% – de opgave van de RES – moet op land opgewekt worden. Het gaat dan om 35 TWh. De opbrengst van wind op zee zal waarschijnlijk toebedeeld worden aan de grote industriegebieden. Daarom kunnen wij daar als regio geen rekening mee houden. Alle duurzame energiebronnen moeten gebruikt worden om de doelen te kunnen halen, inclusief de wind op land. Windmolens in meren kunnen wel meegenomen worden in de RES. In de RES worden de keuzes gemaakt waar windmolens wel of niet ingepast kunnen worden. In het ruimtelijk beleid worden deze keuzes uiteindelijk geconcretiseerd en integraal afgewogen.

Kunnen we niet beter wachten op nieuwe technologie?

Als we gaan wachten, wordt de opgave steeds groter. In kortere tijd moeten we dan meer doen. Kosten zullen hierdoor toenemen. Zowel in het versneld toepassen van duurzame technieken als in de kosten voor het beheersen van de gevolgen van klimaatverandering. Nieuwe technologie komt er alleen wanneer er vraag is. We moeten deze vraag dus gaan creëren, door nu te investeren in de duurzame technieken. De markt zorgt voor efficiëntere producten of andere technologieën juist doordat producten nu worden aangeschaft en toegepast. Zo zie je dat een zonnepaneel steeds meer elektriciteit opwekt. Deze ontwikkeling kon juist plaatsvinden omdat zonnepanelen aangeschaft worden, waarbij marktpartijen toch graag betere producten wil maken dan de concurrent. Wanneer we gaan wachten en huidige technieken niet toepassen gaat de ontwikkeling van nieuwe techniek dus juist langzamer.

Gelukkig kijken we wel om de twee jaar opnieuw naar de RES. Zo kunnen nieuwe ontwikkelingen worden meegenomen. Windmolens en zonnepanelen staat er overigens niet voor eeuwig. In de toekomst zullen ze wellicht plaats maken voor slimmere oplossingen. Tot die tijd hebben we ze nodig.

Komen er zonnepanelen op landbouwgrond?

Zonnevelden op landbouwgrond zijn waarschijnlijk onvermijdelijk. Ook hier geldt, in de RES wordt deze afweging gemaakt. Natuurlijk is de grondeigenaar hierbij aan zet. Bij gebruik voor zonnevelden kan de grond maar beperkt voor andere doeleinden gebruikt worden. Wel kan het bijvoorbeeld gecombineerd worden met windmolens. En er zijn oplossingen mogelijk zodat koeien en schapen toch kunnen grazen. Maar maaien met de tractor wordt lastig. Onderzoek moet nog uitwijzen welk effect zonneweides hebben op bijvoorbeeld de biodiversiteit (wordt dit beter?) en de kwaliteit van de onderliggende grond (wordt dit minder?). Natuurlijk zoeken we ook naar slimme oplossingen zoals meervoudig ruimtegebruik om het aantal zonnevelden op landbouwgrond zo laag mogelijk te houden.

Waarom moeten we van het gas af?

Om ervoor te zorgen dat de Groningers ook veilig kunnen wonen, wil het rijk de gaswinning terugdraaien. Op de korte termijn kunnen we dat oplossen met extra import en winning uit andere gasvelden. Maar op de langere termijn is dit geen oplossing. Daarom is het goed dat we nu snel beginnen met minder aardgas te gebruiken. We zijn begonnen met de grote industriële bedrijven, maar ook in de gebouwde omgeving zal minder gas gebruikt moeten worden.

En aardgas zorgt ook voor CO2 uitstoot. We hebben in Parijs afgesproken in 2050 zo’n 80 tot 95% CO2-reductie te realiseren. Om dat te bereiken is het gebruik van aardgas voor het verwarmen van woningen en tap- en douchewater geen optie meer. 2050 klinkt ver weg. Maar we moeten nu al stappen zetten om van het aardgas af te gaan, willen we dat doel halen.

Wilt u meer weten over aardgasvrij wonen? Meer informatie kunt u vinden op Hierverwarmt.

Waarom lees ik niets over kernenergie?

Kernenergie is mogelijk een oplossing voor de lange termijn (vanaf 2030) en niet voor de korte termijn (tot 2030). Op dit moment zijn er geen bedrijven die hierin willen investeren en de bouw van een centrale duurt zo’n 20 jaar. De RES gaat daarom in op oplossingen die wél binnen onze invloedsfeer en binnen de mogelijkheden van de regio liggen. Bij kernenergie komt bovendien de landelijke overheid in beeld (Tweede Kamer).  Die zal dan moeten besluiten om kernenergie wel of niet mogelijk te maken, bijvoorbeeld met wetgeving, financiering van onderzoek of subsidies.

Wordt H2 (waterstof) ook meegenomen als duurzaam alternatief voor gas? 

Groene waterstofgas en biogas zijn een acceptabel alternatief, maar de productie is duur en het aanbod is beperkt. Verder ligt het op dit moment meer voor de hand om deze duurzame gassen in te zetten op andere gebieden dan het verwarmen van de gebouwde omgeving. Denk bijvoorbeeld aan de industriële processen die een hoge temperatuur vragen en zwaar vrachtverkeer. Afhankelijk van de productiewijze van waterstof, kan het veel elektriciteit vragen. Wil je dit groen doen dan zijn er nog meer windmolens en zonnepanelen in het landschap nodig.

Wordt biomassa ook meegenomen als duurzaam alternatief?

Ja, biomassa telt onder bepaalde voorwaarde mee ook als duurzame warmtebron (bijv. teelt en verwerking in de regio), net als restwarmte, geothermie en aquathermie. Maar duurzame elektriciteit uit biomassa wordt niet meegerekend in de 35 TWh.

Naast de opwek van wind- en zonne-energie, wordt in de regio NHN ook hernieuwbare elektriciteit opgewekt uit biogas (covergisting, stortgas, GFT, VGI en RWZI) en de verbranding van afval en biomassa. Bij elkaar is dit 0,456 TWh (bron: Klimaatmonitor, cijfers 2017). Deze opwek wordt niet meegenomen in de opgave voor 35 TWh grootschalige opwek (zon/wind) op land, maar wordt wel benoemd in de RES en telt mee om te komen tot ‘NHN energieneutraal’.

Wat is restwarmte?

Restwarmte is warmte die overblijft als onderdeel van een (industrieel) proces. Denk aan de restwarmte van hoogovens, vuilverbranding of de restwarmte van een datacenter. Deze restwarmte kan weer benut worden als verwarmingsbron.

Gevolgen van de RES voor mijn omgeving

Staat straks onze regio vol met windmolens, zonnevelden en elektriciteitsmasten?

De omslag naar duurzame energiebronnen is al zichtbaar in ons landschap. De kunst is om deze verandering zo goed mogelijk in te passen. Hoe kunnen we de visuele gevolgen zoveel mogelijk beperken of juist het landschap versterken? We zoeken hiervoor naar slimme oplossingen zoals meervoudig ruimtegebruik om het effect in het landschap te minimaliseren. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van een zonneweide onder elektriciteitsmasten, een landschappelijke inpassing van een zonneweide of het ondergronds transport van restwarmte. Alles hangt af van de mogelijkheden in de wijde omgeving. De uiteindelijke keuzes worden gemaakt in de RES. Ook vinden we het belangrijk dat de uitvoering betaalbaar is en de directe omgeving (financieel) kan meeprofiteren van de ontwikkeling. Niet alleen de lasten maar ook de lusten.

Gaat de energiestrategie ten koste van de leefbaarheid van mijn gemeente?

In de RES wordt de omvang van de energietransitie duidelijk en zichtbaar. Daarbij moeten we met elkaar ook de kansen verkennen om de kwaliteit van leefbaarheid te versterken. Denk aan koppelen met oplossingen voor de mobiliteit, woningbouw, natuurlijke ontwikkeling, waterberging of economie. De omgeving van onze regio verandert niet van vandaag op morgen. Tegelijkertijd blijft het landschap altijd veranderen. Dit gebeurt door de eeuwen heen. Zo zijn we nog niet eens zo lang geleden gestopt met kolen stoken. Ook de veenafgravingen zijn een voorbeeld van een energielandschap. En kunnen wij in Nederland niet meer zonder internet, liggen veel elektriciteitskabels inmiddels ondergronds en zijn telefooncellen uit het straatbeeld verdwenen.

Wordt er rekening gehouden met de ecologische gevolgen voor de regio?

De Regionale Energie Strategie wordt samen gemaakt met veel verschillende partijen, waaronder agrarische partijen, maatschappelijke- en natuurorganisaties. Natuurlijk liggen er verschillende belangen. De effecten van de keuzes die in de RES gemaakt gaan worden, zullen goed in beeld gebracht worden.

De energietransitie

Wat is de energietransitie?

De energietransitie is de omschakeling van fossiele brandstoffen (olie, aardgas, steenkolen) naar duurzame energie (zon, wind en duurzame warmte). De afspraken over de energietransitie in Nederland zijn vastgelegd in het Klimaatakkoord. Eén van de afspraken uit het Klimaatakkoord is dat in 2030 35 TWh nodig aan duurzame elektriciteitsopwekking door wind en zon. De Regionale Energie Strategie beschrijft hoe we dit per energieregio doen.

Wie is verantwoordelijk voor de energietransitie en de Regionale Energie Strategie?

Wij zijn met elkaar verantwoordelijkheid voor de energietransitie naar duurzame energie. Want verduurzaming begint bij besparing. Elke eenheid elektriciteit of warmte die we besparen hoeft niet te worden opgewekt. Het Rijk, provincies en gemeenten zijn binnen de energieregio’s verantwoordelijk voor de energietransitie. Zij maken ook het ruimtelijk beleid, verlenen vergunningen en houden toezicht. De energietransitie en het opstellen van de Regionale Energie Strategie gebeurt in samenwerking met maatschappelijke partners en in samenspraak met de samenleving.

De energieregio Noord-Holland Noord is geen eigen organisatie, maar een samenwerkingsverband tussen overheden en partners in de regio. Elke partij in dit samenwerkingsverband behoudt haar eigen (bestuurlijke) bevoegdheden en verantwoordelijkheden.

Kan het bedrijfsleven als grote CO2 producent dit niet oplossen?

Ook het bedrijfsleven krijgt in het Klimaatakkoord een doelstelling opgelegd om aardgasvrij te worden en minder fossiele brandstoffen te gebruiken. De 35 TWh (aan opwek van duurzame elektriciteit) uit het Klimaatakkoord is één van de vele maatregelen. Al deze maatregelen bij elkaar zorgen voor de gewenste CO2-reductie in 2030. Het verminderen van CO2-uitstoot door grote bedrijven is één van de doelstellingen.


Staat uw vraag er niet bij?

Wilt u meer weten over de Regionale Energie Strategie in Nederland, bekijk hier de landelijke website.

Meer vragen, antwoorden en informatie vindt u op de website van het Klimaatakkoord.

Bekijk de Klimaatmonitor voor cijfers over lokale CO2-uitstoot, energieverbuik en hernieuwbare energie.

Heeft u een vraag of wilt u meer informatie over de energie- en warmtetransitie in uw gemeente, neem dan contact op met de gemeente waar u woont.

Heeft u een vraag over de Regionale Energie Strategie Noord-Holland Noord? Stuur ons een mail

Deel deze informatie:
login bij Noord-Holland Noord

Bent u betrokken bij de energieregio Noord-Holland Noord?

slot Log in

login bij Noord-Holland Zuid

Bent u betrokken bij de energieregio Noord-Holland Zuid?

slot Log in

Naar bovenNaar boven
Snel naar NH Zuid
Snel naar NH Zuid